Pagina's

dinsdag 8 november 2016

Hoera voor de liefste kabouter!



In de wereld van triviale zaken als kinderfeestjes kun je je enorm verliezen. Herstel, daar kunnen sómmige mensen zich enorm in verliezen. De meeste ouders proberen kinderfeestjes vooral te overleven. Helaas behoor ik niet tot die categorie. Ik ben die manische moeder. Die je haat. Omdat ik de lat veel te hoog leg. Ongelofelijk irritant. Ook voor mij hoor. Want behalve dat ik het heerlijk vind om me op kinderfeestjes te storten, word ik er ook best wel moe van. Maar ja. Ik kan het niet helpen. Dus daarom bevond ik me dit weekend in een soort levensgroot kabouterland. Mijn eigen schuld.


Maar weet je hoe leuk het was om met een roedel kinderen met puntmutsjes, capejes en knapzakjes op pad te gaan? Tis dat ik het enigszins druk had om acht kabouters in bedwang te houden, anders was ik uitgebreid een potje gaan grienen van geluk. En met dat in bedwang houden viel het trouwens alles mee. De kleine freule heeft een groepje vrienden om zich heen verzameld dat net zo lief en vertederend is als zij zelf. En blijkbaar net zo graag meegezogen wordt in een kabouterschattenwereldje. Ik wist niet dat het bestond, zulke zoete kindertjes. Hele andere koek dan die enorme zus, die zeg maar altijd nogal aanwezig is. Lees maar hoe ze vorig jaar in staat was om nogal hekserig het hele feestje bij elkaar te schreeuwen. (En dat ik net bezig was precies dezelfde blog als toen te schrijven. Met dat moe zijn en doorslaan en sint maarten en sinterklaas. Ik voel een patroon. Volgend jaar zal het niet veel anders zijn...)

Maar die heksenzus, daar moesten we dus iets mee. Die kan er niet goed tegen om niet in het middelpunt van de belangstelling te staan. En zie daar de oplossing: zet haar in het middelpunt der belangstelling. Geef haar een rol!

Nou heb ik in mijn leven al met heel veel kinderen 'gespookt' en een rol gespeeld, maar dit had ik nog nooit meegemaakt. Waar de meeste kinderen van te voren vol met goede ideeën en verhalen zitten als ze een figuur mogen spelen, kunnen ze op het moment suprême alleen nog wat gestamel uitbrengen. Heel logisch. Een enkeling daargelaten. Die kan nog wat ingestudeerde zinnen declameren. Maar dit kind... Ze wás haar rol. Ze was geweldig! (mijn compleet objectieve mening) Ze was nauwelijks ingesproken, ze hoefde eigenlijk er alleen maar een beetje te zijn (en vooral niet in de weg te lopen en te gillen) maar nee, er was een figuur. Een echte, vol verhalen. Sterrennacht zong voor ons. Vertelde ons kabouterverhalen. Verzon spontaan keigoede spelletjes. Regelde de boel. Zette de kabouters op de goede plek, fluisterde lieve woordjes in het oor van de kinderen die niet zo goed wisten wat ze er mee aanmoesten. Ze blies me omver. Ik ben zelden zó trots geweest. Daar kunnen geen eerste stapjes, eerste woordjes en zwemdiploma's tegenop!
Terug naar het feestvarken zelf. Die genoot. Van Floxol, de neef van de kabouters die ons kwam helpen om kaboutermagie te krijgen. Van de schatten die we vonden. Van de spreuken die we leerden. Van de walnoten die we goud toverden. Van de briefjes die overal opdoken. Van de goudklompjes en parels die we op moesten eten om net zo goed te horen en zien als kabouters. En van de stenen die voor moed en kracht zorgden. Met knapzakken vol spullen namen we Floxol en Sterrennacht mee naar huis om paddenstoelen en schattendoosjes te gaan versieren. De kaboutermagie had ons toen al lang overgenomen. Wat een geluk dat elk kind naar huis ging met een eigen kaboutertje en een zakje met een eigen edelsteen om zo altijd die magie weer te kunnen voelen!


Tot zover het hele fijne feestverhaal. Zo lieflijk dat het jullie waarschijnlijk je neus uitkomt. Dan zal ik nu vertellen dat het allemaal heel wat lijkt, maar dat we het echt, echt, écht in elkaar geflanst hebben. Hier volgt het doe- het- zelf stappenplan voor dummies voor een geslaagd kabouterfeest: 

1. Schrijf een week van te voren, binnen een half uur, een scriptje met het verhaal. (Er komt post van een kabouter, willen jullie mij helpen? zoek kaboutermagie, ga naar buiten, vind schatten, doe een spelletje, eet een magisch steentje, ga naar binnen, knutsel, eet poffertjes. Einde. Wijn.) 
2. Bestel mooie spulletjes bij mensen die daar tijd voor maken en dat met veel liefde doen. (Ik bestelde ik die prachtige schattenzakjes hier.)
3. Loop de dag voor het feestje een rondje door mijn huis om daar alle schatten (steentjes, dennenappels, belletjes, veertjes, ondefinieerbare Action frutsels) te voorschijn te trekken die hier hoog opgetast in lades en kasten liggen. (Dit kan ook in je eigen huis als je net als ik altijd mooie dingen rotzooi verzamelt en al maanden een fuck-Marie-Kondo-houding bezigt.). 
4. Ga langs een vriendin met een nogal excentrieke kledingsmaak om wat tovenaarskleren uit haar kast te vissen.  
5. Krijg de avond van te voren een aanval van gekte door er van overtuigd te raken dat het heel essentieel is om voor alle kinderen een kabouter te vilten. (Die aanval had ik. Die is niet per se nodig. Maar ik heb al twee weken een nieuwe hobby: plukken wol omtoveren tot iets, ehm met vorm. Maar door anderhalf uur wat lukraak in het rond te prikken met een verdomd scherpe naald (au), waren er zowaar wel ineens negen kabouters.)
6. Schrijf wat kabouterbriefjes en leuter daarin over magie, schatten, steentjes en de natuur. Er hoeft eigenlijk niet eens echt iets op te staan, want vijfjarigen kunnen toch niet lezen. Verzin je het lekker ter plekke als je tijd tekort komt.  
Zo. Dan ben er er bijna. Verkleed  je man als een soort kabouter en zeg dat ie een spreuk moet verzinnen. Kan iedereen toch?

Jaja, hoor ik u allen denken. Tuurlijk. Rot op. Met je schatten en zelfgemaakte kabouters. En die outfits dan? Dat moet wéken werk zijn geweest. Haha. Nee. Maar echt. Nee. De mutsjes knipte ik in tien minuten uit stukken vilt (lag gewoon in de kast) en zette ze met dertig seconde stikwerk op de naaimachine aan elkaar. De capejes? Dat zijn geen capejes. Dat zijn stukken stof die ik ter plekke uit een grote lap knipte en om de schouders knoopte. En vooruit, de knapzakken daar zat een piepklein beetje moeite in. Op de terugweg van school lag er een takkenberg bij het vuilnis. Daar moest ik helemaal voor stoppen en negen takken eruit vissen. Toen heb ik ook nog een tafelkleed in stukken geknipt en aan die takken geknoopt. Herstel, laten knopen door de timmerman. Die vond dat een takkenwerk. Daar heeft u een punt.
Nee, de grootste moeite van het hele feestvieren vind ik het opruimen van mijn huis... Ik bedoel, je kunt die kinderen en ouders toch moeilijk in het hol ontvangen waarin wij onze weekenden normaliter slijten? Vol speelgoed, zakken oude kranten, overvolle kapstokken, gangen vol gereedschap, metershoge stapels afwas en aangekoekte pannen en op willekeurige plekken in de woonkamer loopfietsen dan wel heelies dan wel skates? Met de moed der wanhoop raapte ik al die meuk bij elkaar, sjouwde het de trap op en deponeerde het allemaal in mijn slaapkamer. Waar maar weer uit blijkt dat ik vooral heel goed ben in korte termijn oplossingen. Had ik nou maar wat echte kaboutermagie om de weg naar mijn bed vrij te maken van dozen, manden, stapels jassen en die hele handige boodschappentrolley...

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen