Pagina's

donderdag 9 oktober 2014

Goeie grutjes












































Och wat een schatjes hè,
die freules in een bloemenveld.
Liepen ze daar dartelend boeketjes te plukken op een appelplukdag,
enkele weken geleden.
In hun jurkjes, met hun wuivende krullen en op hun hakjes.
Als ik ze zo zie,
wil ik ze wel kussen van schattigheid.
Probleem is, ik weet wie ze écht zijn.
Ik ken ze.
Ze zijn van mij.
En ze zijn dus helemaal niet schattig.
Oke, heel soms.
Als ik naar een feestje moet,
iets zonder vlekken heb aangetrokken,
een laag crème over mijn wallen heen heb gesmeerd
en Savine ineens zegt:
'Mamma, wat ben je mooi!'
Dan wel.
Maar ik ga haast nooit naar feestjes.

En wat ze wel de hele dag zeggen,
is echt niet om aan te horen.
Goed, soms wat schattige peuterpraat
zoals de wijsneus van vier gisteren tegen een vriendinnetje zei:
'Let op, dat is heel kwetsbaar!'
en het vertwijfelde vriendinnetje toen maar vroeg:
'Betekent dat dat ik voorzichtig moet doen?'
Maar ze zeggen dus dingen die ik ook zeg.
Ja.
Dingen die je zodra je moeder wordt niet meer hoort te zeggen.
Of moet gaan spellen.
Maar ja.
Ik zeg niet 'chips' als het brood op blijkt te zijn tijdens de ochtendspits.
En ook niet 'grutjes' als er weer eens een beker water omgegooid wordt.
'Ka-uu-teee' krijg ik mijn strot niet uit
als de kat een gat trekt in mijn nieuwe truitje.

Dus nu zegt dat schattige bloemenmeisje met dat witte jurkje hartgrondig
'Jeeeezus Ianth!' tegen haar zusje als die iets onhandigs doet.
Of 'Gatverdamme!' als ik haar tot een hapje aubergine probeer te verleiden.
'Shit', 'Godver', 'kut', het komt allemaal uit die beeldige mondjes.
En gemeend ook.
En met precies de juiste timing en intonatie.
Daar hebben ze talent voor.

Maar wat nu?
De eerste keer dat ik een 'Jeeeezus' hoorde, moest ik nog grinniken.
Fnuikend hoor, omdat ik donders goed weet dat het mijn schuld is.
Maar inmiddels weet ik niet meer wat ik moet doen.
Ik roep te pas en te onpas
'Dat zeggen we niet,' als er met godvers gesmeten wordt.
'Zeg maar jeetje, of getsie, jakkes of verdorie,' hoor ik mezelf lispelen.
Dat helpt natuurlijk niks.
Zodra je ook nog zegt dat zo'n woord niet netjes is,
kom je er helemaal nooit meer vanaf.
Er zit maar een ding op:
zelf mijn leven beteren.
Zoals met alles als het om die verdomde kinderen gaat,
je moet het goede voorbeeld geven.
Herstel,
als het om die bloedjes van kinderen gaat.
Goeie grutjes nog an toe,
dat wordt een hele uitdaging.



 

 

 

 


 


 






maandag 6 oktober 2014

Stt, wij lezen #2, Voor Kleine Sam








































Kiezen is niet mijn sterkste kant. 
Iets kort houden ook niet.
Dus toen ik voor Kleine Sam een stukje mocht schrijven over kinderboeken
werden het twee stukjes. 
Zie hier deel 2: 

Zoals ik in mijn vorige column schreef, lopen mijn boekenkasten thuis over van de kinderboeken. Een hebzucht maakt zich van mij meester in een kinderboekenwinkel. Mooi vormgegeven prentenboeken, grappige voorleesboeken, gewoon klassiekers die je moet hebben, of die ene spannende kinderserie waar iedereen het over heeft. Ik wil ze. Waar er talloze ongelezen romans zich verschuilen op mijn planken, hier is geen kinderboek ongelezen.

Daarom, als je aan mij om mijn lievelingskinderboek vraagt, dan heb ik geen antwoord voor je. Zelfs geen top 10. Het zijn er te veel. Ik kan alleen maar wat stukgelezen kaften voor je opsommen. Als die boeken niet in je huis te vinden zijn, moet je naar de kinderboekenwinkel rennen. En wel meteen. Of vooruit, de bieb. Da’s ook goed. Komt-ie:




donderdag 2 oktober 2014

Boekenbakvis op het bal







































Ik ben best wel een bakvis.
Weet je wel, zo'n type dat ergens helemaal fan van kan zijn.
En dan al OMG OMG roepend bij hotels gaat wachten waar haar idool logeert.
Maar dan ben ik ook nog boekofyl. Of zo iets.
Fan van kinderboeken dus.
En weet je waar ik dinsdag was?
Op het KINDERBOEKENBAL!
Ja, OMG OMG OMG! Dat dacht mijn hart ook, dat woest in mijn borst rond galoppeerde.

Alleen al van het woord BAL word ik heel blij.
Weelderige jurken, golvend ingevlochten haar, ik zag het helemaal voor me.
Maar ja, we leven helaas niet meer in de Renaissance
en dus trok ik maar een kek kort jurkje aan
en hakken.
Want m'n timmerman ging niet mee,
dus dan mag ik 2 meter lang worden.
Bovendien deed ik een ingewikkeld vlechtwerk in mijn haar,
want wanneer kan dat nou?

En zo ging ik dan,
naar een plek waar al mijn idolen bij elkaar zouden komen.
Échte kinderboekenschrijvers
en échte illustratoren
die de échte Gouden Griffel wonnen
(Hij ging dit jaar naar Het raadsel van alles wat leeft van Jan Paul Schutten.
Een prachtig boek dat ook al het Gouden penseel won.
Niet alleen heel leerzaam en informatief, maar ook grappig en luchtig.
En dan ook nog eens prachtig om te zien.
Wil je hebben dus.)
en de échte Kinderen voor Kinderen.
Ik vond het GE-WEL-DIG!
Alleen dat optreden van Kinderen voor kinderen hè.
Lief hoor, maar toch ook vreselijk.
Ze doen tegenwoordig flitsende dansjes op pompende beats.
Ik ben meer van 'Klein is fijn, ik wil niet groter groeien' of 'Ik ben onzichtbaar' of het ochtendhumeur van Jurgen.
En dan ondertussen een schuif-stap-schuif-stap- dansje.
Dit was keihard 'Waar is dat feestje? Hier is dat feestje!' maar dan net anders.
En toch. Mijn achtjarige ik was vreselijk jaloers op mij dat ik dit live mee mocht maken.

En ik was weer vreselijk jaloers op alle achtjarigen die daar rondliepen.
Want voor hen was het echt feest.
Ze mochten snoep scheppen zoveel ze wilden,
cakes versieren,
lampen knutselen,
discodansen met een koptelefoon op
en met een speciaal boekje handtekeningen jagen van alle bekende schrijvers.

Ik zag ze daar gaan, zonder gene.
Naar Anna Wolz, en Tosca Menten en Jacques Vriens en al die anderen.
Ik wilde dat ook.
Maar ja.
Ik ben geen acht meer.
Nee, ik snap daar ook niks van.
Maar het is zo.
En toen vond ik ook zo'n boekje.
Helemaal leeg.
Het schreeuwde erom.
Ik deed het.
Ik kreeg ze.
Daar schaam ik me dus niet voor.
Van Harm de Jonge bijvoorbeeld
die het kinderboekengeschenk Zestig Spiegels schreef.

Op het podium even daarvoor werden er al stukjes uit voorgelezen
door voorleeskampioen Raf.
Knap man,
1000 man in de zaal
en dat gewoon doen.
En wat ik nog leuker vond
is dat er ook boeken tot leven kwamen.
Marit Törnqvist maakte voor deze kinderboekenweek Fabians feest.
Een prachtig prentenboek waarin alle mogelijke feestelijkheden groots (en uitklapbaar!)
worden uitgebeeld.
(er hoort ook een app bij het boek die je nu gratis kunt downloaden. Leuk!)
En haar hoofdpersonen kwamen het podium opwandelen.
Of fietsen
of waggelen. Die laatste was een immense olifant met twee berijders.
Wat moet dat het einde zijn, als je door je eigen fantasie omringd wordt.

Nou ja, het was dus een heerlijke avond.
Nu wil ik dus maar een ding:
(dat wil ik al heel lang, maar nu zeg ik het hardop, dat is het verschil)
ik wil ook kinderboekenschrijfster worden.
En dan elk jaar naar het bal...


O ja, op de site van LOL magazine (klik) schreef ik ook een stukje over het bal. En over het winnende boek.









maandag 29 september 2014

Leve de herfst!




























Zoals dat gaat in bladenland
schoot ik in de zomerse bloedhitte
plaatjes voor het kakelverse herfstnummer van de Coop keukentafelgids.
Ik zocht me wezenloos naar bladeren die er herfstig uitzagen
en naar een achtergrond waar je niet al te veel bloemen in bloei zag.
En zoals dat gaat als je zzp-er met zwangerschapsverlof bent
(maar wel gewoon je leuke werkklussen wilt doen)
dit alles met drie kinderen om me heen dartelend.

Dus dat deze productie nu in het blad staat
is te danken aan opa's en oma's!
Niets dan hulde aan mijn lieve moeder
die handenmodel speelde,
kinderoppas en flessengever tegelijkertijd was,
en de beste zomerse herfstboom in haar tuin heeft!

Ga allen naar de Coop voor je eigen nummer
(ik moet ook, want het blad heb ik zelf nog niet in handen gehad)
of naar de online versie (klik)
zodat jullie ook je huis kunnen pimpen met een:



























Schattige afvaluil










































Een vrolijke herfstbladerenslinger (die eeuwig goed blijft, de mijne hangt al maanden)












































































en zelfmaakvogelvoerbakje.

Leve de herfst!

Trouwens, het zomernummer ben ik helemaal vergeten te noemen.
Hij ligt niet meer in de winkel,
maar mocht je nou met deze warme temperaturen toch zin hebben
om zelf zomerse spelletjes te maken,
dan kun je hier (klik) terecht.
Want zeg nou zelf,
reuzenbellenblaas,
kegelen,
schaken,
een overgooispel
en een handige zelfmaak etui zijn altijd goed!




donderdag 18 september 2014

De dingen die ik leerde deze zomer


De vakantie lijkt al eeuwen geleden,
gek is dat toch hoe tijd snel je herinneringen opslokt.
Bovendien ben ik compleet in de war.
Buiten is het zomer, terwijl het herfst hoort te zijn.
En in de vakantie was het herfst terwijl het zomer hoorde te zijn.
Het kan verkeren.

Nu ik dan toch zo zit te mijmeren
en het liefst me al ijs etend in de zee zou willen werpen,
kwam ik tot enkele inzichten.
Scherpe inzichten, al zeg ik het zelf.
'Wat ik leerde van deze vakantie'
noem ik ze.
Gaat-ie:

1. Ik ben heel slecht in vakantiedagboeken afmaken.

Elk jaar begin ik vol frisse moed. Ditmaal had ik er zelfs een hele nieuwe vorm voor uitgevonden.
Een soort invulvriendenboekje maakte ik. Waarin ik elke dag de stemming, het diner en de hoogtepunten invulde.
Leek me haalbaar. Dat was het, tot dag 9. Daar is het gestrand.
Interessant om te bedenken hoe dat komt.
Maakte op dag 9 de totale ontspanning van mij meester?
Dat ik niet eens meer wilde bijhouden hoe ik me voelde?
Was ik plotsklaps volledig zen en mindfull in het moment aan het zijn?
Ik denk het eigenlijk niet.
Dat had te maken met punt 2 van de vakantie inzichten:

2. Vakantie met kinderen is nooit rustig en ontspannen. Het is retedruk. En leuk.

Elk jaar trap ik weer in de valkuil. Ik verheug me op het grote niksdoen.
Uitslapen.
In de zon liggen.
Lekker dineren en tot diep in de nacht met manlief keuvelen.
Dit alles kun je wel doen, maar daar heb je alleen jezelf mee.
Uitslapen: per toerbeurt. Niks romantisch aan.
Tegen de tijd dat je je bed uitrolt, staan de middagslaapjes van het grut weer op het programma
en komt er van leuke dingen doen die dag niks meer.
In de zon liggen: Kan. Met drie kinderen op je springend.
Niet zo ontspannend. Bovendien: moet er wel zon zijn.
Lekker samen dineren in een restaurant. Kan. Moet je oppas op vakantie meenemen.
Hadden wij niet. We dineerden met z'n allen. Heel leuk.
Moet je wel voor acht uur klaar zijn, anders escaleert de boel.
En geen driegangenmenu nemen.
Kortom:  vakantie is net als thuis.
Leuk, druk. En hard werken.
Eigenlijk drukker. Want je wil allemaal leuke dingen doen.
Kom ik bij punt 3 op terug.

3. Ik wil veel, veel, veelsteveel

Da's geen vakantie inzicht. Dit is een vaststaand feit.
Al mijn hele leven een probleem.
En ik ben de enige hier thuis die al die leuke dingen wil doen.
Sta ik onrustig te trappelen omdat er ergens een rommelmarkt is.
Terwijl de rest zich wel op een kleedje met een boek kan vlijen.
Heb ik een gefrustreerde ochtend, omdat ik denk dat ik alles mis,
zij niet.
Gaan we wel naar zo'n groots aangekondigde markt,
is het net niet leuk.
Drie verregende standjes met Peruaanse panfluiten. Dat werk.
Wil ik meteen iets anders.
Wandelen, of ergens wat lunchen, wat dan ook.
Maar de rest van het gezelschap niet.
Die moesten al helemaal mee naar die verdomde markt.

4. Ik kan niet omgaan met slecht weer.

Ik heb gehuild
in bed
omdat het regende
en 9 graden was.
Verdient geen schoonheidsprijs.
Maar het régende!
De hele dag!
En mijn enige vakantieaankopen waren:
een jas, een dikke trui en kaplaarzen.
Nou vraag ik je, dan mag je toch best even grienen?

5. Vakantie duurt altijd te kort.

Want de laatste dag was het mooiste van de hele vakantie.
En dan wil je meer.
Altijd.

6. Ik ben heel slecht in thuiskomen.

Feit.
Haat ik.
Word al onredelijk in de auto terug.
Staan daar al die honderden tassen met smerige was en etensresten
en vakantieschatten in de gang.
Ontzettend in de weg te staan
zeker met de wetenschap dat je de komende drie weken bezig bent
de strandtentjes weer op zolder te bergen en een plek te verzinnen
voor de nieuwe collectie schelpen.
Bovendien zijn alle planten dood,
heeft de kat uitgebeten plekken in je vloer gekotst
en zit er niks in je ijskast
zodat je meteen weer boodschappen moet gaan doen.
Ik zei al: ben ik echt heel slecht in.

7. Vakantie heb je nodig om elkaar weer helemaal fantastisch te vinden.

De grote freule die zingend en lichtrijdend op een pony door de hei draaft.
De kleine freule die net als ik 's avonds in de zee met haar voeten wil staan om de zon onder te zien gaan.
De kleine grote broer die hikkend van de lach in de tuin met z'n zussen ligt.
De timmerman die licht snurkend in een duinpan in slaap dommelt terwijl er om hem heen tikkertje wordt gedaan.
Stuk voor stuk een overlopend hart.

8. Ik word heel gelukkig van onverwachte dingen.

Ontdekken van nieuwe plekken.
Heerlijke gerechten,
mooie stadjes
of nieuwe uitzichten.
Schatzoeken in de wereld.

Nou genoeg gebazeld.
Op naar de volgende vakantie!!!
(Er komen meer vakantiefoto's.
Dat is alleen zo veel werk.
Nog een piepklein inzichtje dan:
Ik maak er te veel.
Ik wil alles vasthouden, vastleggen.
Ik wil dat het allemaal niet voorbijgaat.
Zoiets.)









maandag 15 september 2014

Sttt, wij lezen, voor Kleine Sam









































Iedereen die mij een beetje kent, weet dat ik dol ben op lezen.
Van kinderboeken wel te verstaan.
Dus toen Lisette van de webwinkel Kleine Sam vroeg
of ik wat wilde schrijven over Kinderboekenweek en boeken,
tja, toen ging het mis.
Of nou ja, mis, ik liep ineens over.
Van zin om te vertellen hoe leuk alle boeken in mijn boekenkast wel niet zijn.
En dat past natuurlijk niet in een klein stukje tekst.
Het werden twee lappen tekst.
Waarvan dit het begin van de eerste column is:

Tandenpoetsen, pyjama’s aan wurmen, naar de wc en klaar voor bed. Toch? Nou, hier in huis niet. Dan begint het naar bed brengen pas. Met een verhaaltje. Of twee, of drie...

Voor mijn enorme boekenkast voeren de meisjes elke avond weer discussies over welk boek we gaan lezen. Om de beurt mogen ze er een uitkiezen. Want, elk heeft een heel andere smaak. De kleine freule van twee houdt van grappige, spannende boeken waarin ze kan meekijken. Ze kent haar klassiekers, van De Gruffalo, Rupsje Nooitgenoeg, Monkie (van het echtpaar Schubert) krijgt ze geen genoeg. Maar ook het net uitgekomen prentenboek Snip (Claudia Lagermann en Hanneke Siemensma) over een vogeltje dat niet durft te vliegen en daarom alleen achterblijft in de winter, vindt ze prachtig.

Haar grote zus van vier daarentegen, is heel uitgesproken. Die vindt alles zielig of eng. En die wil dus nooit over het monster  Gruffalo lezen, want te spannend. Monkie? Absoluut niet, een kind dat zijn knuffel kwijtraakt? Van het idee alleen al krijgt ze slapeloze nachten. Haar doe je een plezier met Jip en Janneke, en dan door het liefst het gehele oeuvre achter elkaar voor te lezen. Of Balotje op ballet (Yvonne Jagtenberg), De prins op het witte paard ( Dolf Verroen & Thé Tjong-King) en Drie dappere paardjes (Rian Visser & Margriet van Noort). Drie prentenboeken die naadloos aansluiten op de prinsessenwereld van dit paardenmeisje. Oh ja, en ook Het Muizenhuis (Karina Schaapman), want daar komt in het tweede deel een ballettend muisje in voor. Dus. 

De rest van de column lees je HIER, over hoe Jip en Janneke op de cover van mijn scriptie kwamen, en over grootse toekomstdromen. 
Nog twee weken, dan is het kinderboekenweek. 
Heeft er iemand nog boekentips voor onontdekte pareltjes die ik in huis moet halen?


donderdag 11 september 2014

Gewoon. Heel gewoon.




























Nou.
Het gewone leven is weer begonnen hoor.
Nauwelijks bij te benen die tijd.
Dus nu heb ik een familie planbord gekocht voor in de keuken.
Zodat niemand vergeet wat we allemaal wel niet moeten doen in een week.
En maak ik schema's hoe we de ochtendspits moeten doorstaan.
Want daar zijn we nog niet zo goed in, m'n timmerlief en ik.
We moeten dus onderling afspreken wie
de ruzie aangaat over het kleren aantrekken,
wie haren kamt,
wie ontbijt bij het trio naar binnen lepelt,
wie de fiets van het slot haalt,
wie de ruzie aangaat over het schoenen aantrekken,
en wie de rust gegund wordt om zelf koffie naar binnen te kunnen gieten.
Ja. Wist ook niet dat het zo onromantisch zou kunnen zijn.
Maar het is zo.

Wie toch hartstochtelijk kan roepen:
'Hoera! De scholen zijn begonnen en vakantie is weer overleefd!'
woont niet in mijn huishouden in ieder geval.
Ik haat het. Niet een beetje hoor, diepgaande haat
aan schema's, tijdsdruk, volle agenda's en dat soort zaken.
Ja, het is niet voor niets dat ik freelancer ben geworden.
Dan mag je gewoon, als het een ochtend allemaal niet zo soepel loopt,
een kwartiertje later beginnen van de baas.
En als het echt heel mooi weer is,
in de zon te gaan zitten.
Diezelfde baas dwingt je trouwens ook om avonden en weekenden en vakanties door te werken,
dus een hele relaxte peer is het ook weer niet.
Maar toch.
Hij is flexibel.
En dat is school niet.
Ik voel me een recalcitrante puber als ik net te lang in bed blijf liggen
tegen mijn lief snurkende warme baby aan
omdat ik wéét dat dat echt niet kan.
Maar ik wil het.
En ík hoef niet naar school.
Nou ja, laten we hopen dat ik ooit nog volwassen word.

Dus nu zit ik te puzzelen met dagen kinderdagverblijf, een uit te zoeken BSO,
oma-dagjes en nieuw op de agenda; iets van balletles of zwemles voor de grote freule.
Die wil dat graag.
Ik sta weer op het punt om elke willekeurige ouder op straat aan te spreken met:
'Hóe dóen jullie dat toch?!'
Want al die leuke lesjes blijken zich op woensdagmiddag te hebben verzameld.
(Of zaterdagochtend 8 uur. Koekoek!)
Had ik kunnen weten natuurlijk.
Maar dat was nou net de enige dag die we met opvang goed hadden geregeld.

Dusssss.
Ga je met je goeie plannen.
En zwemles blijkt 575 euro te kosten. Met diploma garantie, dat wel.
Ik wist niet dat zwemles het nieuwe rijbewijs halen was.
Hallo, 575 euro?!?!? Alweer koekoek!
Bovendien duren die lessen 45 minuten.
Ik zie het al voor me.
Eerst drie kinderen gestressed de auto in duwen.
In een warm kleedhokje een freule in een zwempak wurmen
terwijl de andere twee weglopen/zich ongevraagd ook uitkleden/ huilen/om eten roepen/
in een plas gaan zitten/ zich in het zwembad storten.
Dan ben je klaar met dat zwempak,
moet je die twee andere kinderen een half uur entertainen op de parkeerplaats
en dan een druipende freule weer uit dat zwempak frummelen,
terwijl die twee anderen natuurlijk weer allebei huilen/zeuren/zwemmen nou ja etc.
En dan is de gezellige middag met je kinderen weer voorbij.
Dat kán toch niet?
Nee, dat wíl ik niet.
Is het heel erg als mijn kinderen niet leren zwemmen en balletten?

(Ja. Dat weet ik ook wel. Dat is erg.
Maar hebben jullie dan tips voor me?
Waar ga je op zwemles in Utrecht?
Waar vind je balletles waar je mag zwieren in een roze tutu?
Hoe ga ik dit leuk vinden?
Dat werk.
Dank.)

En aangezien er geen vrolijke plaatjes bij dit gewone leven passen,
doe ik er wat vakantiekiekjes bij.
Anders moet ik jullie straks tot in den treure vervelen met mijn fijne vakantieverhalen
terwijl iedereen al heel herfstig kastanjes aan het rapen is.
Zie hier freules op een fiets
terwijl ze oefenen met links en rechts.
Dat is belangrijk om erbij te vermelden
anders denken jullie dat ze zomaar hun vingers in de lucht steken.
Dat zou gek zijn.








donderdag 4 september 2014

Hup, twee drie vier

Hup, twee drie vier, hup, twee drie vier...
Zo trapten de grote freule en ik stevig door op de fiets op Texel.
Tegenwind, beginnend regenbuitje en beide moeie benen.
We hadden zo'n ouder-kind tandem gehuurd,
wat er eigenlijk op neer kwam
dat de ouder een godsonmogelijk grote fiets moest rondtrappen
en tevens de wiebelende kleuter die kunsten op een rijdend voertuig probeerde te doen
in evenwicht moest houden.
Want, een freule láát zich natuurlijk rijden en trapt af en toe voor de sier eens mee.
Maar toen moesten we een flink end fietsen
op weg naar de huilende broer die op een verse lading melk zat te wachten
die ik vervoerde.
Hup, twee, drie, vier dus.
Of zoals mijn oma vroeger schalde: 'In de benen!'
Het hielp.
We hadden lol
en trapten ons een ongeluk.

Nu is de vakantie afgelopen.
en stapelen de bergen te verzetten werk zich weer op.
We voelen het allemaal thuis.
Savine lag vanavond al weer op de onderste tree van de trap te dweilen.
'Ik ben te moe om nog naar boven te lopen,' kweelde ze.
Ga dan ook eens gewoon slapen kind!!! dacht ik.
Maar dat zei ik natuurlijk niet.
Je kunt nog beter tegen een koe zeggen dat ie moet stoppen met loeien.
Of zo iets.
Hoe dan ook,
ik zei: 'Hup, twee drie vier!'
Het bleek een toverformule.
Het kind in een mum boven
en in opperbeste stemming poetsten we tanden.

Dus nu ik tussen tien volle wasmanden schone was
drie half ingepakte kindertasjes met bananen, knuffels, speentjes en melk
een volgeslibd bureau met rekeningen, formulieren en andere belangrijk spul
en alle rondslingerende vakantiespullen zit,
rest mij maar een ding:

HUP, TWEE, DRIE VIER!

(Je begrijpt, ik weet niet eens waar ik moet beginnen
en al helemaal niet als het om die duizenden vakantiefoto's op mijn computer gaat.
Die komen nog wel hier, als ik de tijd heb om ze door te spitten.
Dus vooralsnog moet je het doen met mijn twee mooie mannen in Engeland.
Denkt u zelf maar het Midsummer Murders deuntje eronder,
we zagen op deze plek zo de lijken door de rivier drijven.
Maar dat vertel ik de volgende keer.
Of niet.
Ik denk dat de tuinman het gedaan heeft...)