Pagina's

Posts tonen met het label Engeland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Engeland. Alle posts tonen

donderdag 18 september 2014

De dingen die ik leerde deze zomer


De vakantie lijkt al eeuwen geleden,
gek is dat toch hoe tijd snel je herinneringen opslokt.
Bovendien ben ik compleet in de war.
Buiten is het zomer, terwijl het herfst hoort te zijn.
En in de vakantie was het herfst terwijl het zomer hoorde te zijn.
Het kan verkeren.

Nu ik dan toch zo zit te mijmeren
en het liefst me al ijs etend in de zee zou willen werpen,
kwam ik tot enkele inzichten.
Scherpe inzichten, al zeg ik het zelf.
'Wat ik leerde van deze vakantie'
noem ik ze.
Gaat-ie:

1. Ik ben heel slecht in vakantiedagboeken afmaken.

Elk jaar begin ik vol frisse moed. Ditmaal had ik er zelfs een hele nieuwe vorm voor uitgevonden.
Een soort invulvriendenboekje maakte ik. Waarin ik elke dag de stemming, het diner en de hoogtepunten invulde.
Leek me haalbaar. Dat was het, tot dag 9. Daar is het gestrand.
Interessant om te bedenken hoe dat komt.
Maakte op dag 9 de totale ontspanning van mij meester?
Dat ik niet eens meer wilde bijhouden hoe ik me voelde?
Was ik plotsklaps volledig zen en mindfull in het moment aan het zijn?
Ik denk het eigenlijk niet.
Dat had te maken met punt 2 van de vakantie inzichten:

2. Vakantie met kinderen is nooit rustig en ontspannen. Het is retedruk. En leuk.

Elk jaar trap ik weer in de valkuil. Ik verheug me op het grote niksdoen.
Uitslapen.
In de zon liggen.
Lekker dineren en tot diep in de nacht met manlief keuvelen.
Dit alles kun je wel doen, maar daar heb je alleen jezelf mee.
Uitslapen: per toerbeurt. Niks romantisch aan.
Tegen de tijd dat je je bed uitrolt, staan de middagslaapjes van het grut weer op het programma
en komt er van leuke dingen doen die dag niks meer.
In de zon liggen: Kan. Met drie kinderen op je springend.
Niet zo ontspannend. Bovendien: moet er wel zon zijn.
Lekker samen dineren in een restaurant. Kan. Moet je oppas op vakantie meenemen.
Hadden wij niet. We dineerden met z'n allen. Heel leuk.
Moet je wel voor acht uur klaar zijn, anders escaleert de boel.
En geen driegangenmenu nemen.
Kortom:  vakantie is net als thuis.
Leuk, druk. En hard werken.
Eigenlijk drukker. Want je wil allemaal leuke dingen doen.
Kom ik bij punt 3 op terug.

3. Ik wil veel, veel, veelsteveel

Da's geen vakantie inzicht. Dit is een vaststaand feit.
Al mijn hele leven een probleem.
En ik ben de enige hier thuis die al die leuke dingen wil doen.
Sta ik onrustig te trappelen omdat er ergens een rommelmarkt is.
Terwijl de rest zich wel op een kleedje met een boek kan vlijen.
Heb ik een gefrustreerde ochtend, omdat ik denk dat ik alles mis,
zij niet.
Gaan we wel naar zo'n groots aangekondigde markt,
is het net niet leuk.
Drie verregende standjes met Peruaanse panfluiten. Dat werk.
Wil ik meteen iets anders.
Wandelen, of ergens wat lunchen, wat dan ook.
Maar de rest van het gezelschap niet.
Die moesten al helemaal mee naar die verdomde markt.

4. Ik kan niet omgaan met slecht weer.

Ik heb gehuild
in bed
omdat het regende
en 9 graden was.
Verdient geen schoonheidsprijs.
Maar het régende!
De hele dag!
En mijn enige vakantieaankopen waren:
een jas, een dikke trui en kaplaarzen.
Nou vraag ik je, dan mag je toch best even grienen?

5. Vakantie duurt altijd te kort.

Want de laatste dag was het mooiste van de hele vakantie.
En dan wil je meer.
Altijd.

6. Ik ben heel slecht in thuiskomen.

Feit.
Haat ik.
Word al onredelijk in de auto terug.
Staan daar al die honderden tassen met smerige was en etensresten
en vakantieschatten in de gang.
Ontzettend in de weg te staan
zeker met de wetenschap dat je de komende drie weken bezig bent
de strandtentjes weer op zolder te bergen en een plek te verzinnen
voor de nieuwe collectie schelpen.
Bovendien zijn alle planten dood,
heeft de kat uitgebeten plekken in je vloer gekotst
en zit er niks in je ijskast
zodat je meteen weer boodschappen moet gaan doen.
Ik zei al: ben ik echt heel slecht in.

7. Vakantie heb je nodig om elkaar weer helemaal fantastisch te vinden.

De grote freule die zingend en lichtrijdend op een pony door de hei draaft.
De kleine freule die net als ik 's avonds in de zee met haar voeten wil staan om de zon onder te zien gaan.
De kleine grote broer die hikkend van de lach in de tuin met z'n zussen ligt.
De timmerman die licht snurkend in een duinpan in slaap dommelt terwijl er om hem heen tikkertje wordt gedaan.
Stuk voor stuk een overlopend hart.

8. Ik word heel gelukkig van onverwachte dingen.

Ontdekken van nieuwe plekken.
Heerlijke gerechten,
mooie stadjes
of nieuwe uitzichten.
Schatzoeken in de wereld.

Nou genoeg gebazeld.
Op naar de volgende vakantie!!!
(Er komen meer vakantiefoto's.
Dat is alleen zo veel werk.
Nog een piepklein inzichtje dan:
Ik maak er te veel.
Ik wil alles vasthouden, vastleggen.
Ik wil dat het allemaal niet voorbijgaat.
Zoiets.)









donderdag 4 september 2014

Hup, twee drie vier

Hup, twee drie vier, hup, twee drie vier...
Zo trapten de grote freule en ik stevig door op de fiets op Texel.
Tegenwind, beginnend regenbuitje en beide moeie benen.
We hadden zo'n ouder-kind tandem gehuurd,
wat er eigenlijk op neer kwam
dat de ouder een godsonmogelijk grote fiets moest rondtrappen
en tevens de wiebelende kleuter die kunsten op een rijdend voertuig probeerde te doen
in evenwicht moest houden.
Want, een freule láát zich natuurlijk rijden en trapt af en toe voor de sier eens mee.
Maar toen moesten we een flink end fietsen
op weg naar de huilende broer die op een verse lading melk zat te wachten
die ik vervoerde.
Hup, twee, drie, vier dus.
Of zoals mijn oma vroeger schalde: 'In de benen!'
Het hielp.
We hadden lol
en trapten ons een ongeluk.

Nu is de vakantie afgelopen.
en stapelen de bergen te verzetten werk zich weer op.
We voelen het allemaal thuis.
Savine lag vanavond al weer op de onderste tree van de trap te dweilen.
'Ik ben te moe om nog naar boven te lopen,' kweelde ze.
Ga dan ook eens gewoon slapen kind!!! dacht ik.
Maar dat zei ik natuurlijk niet.
Je kunt nog beter tegen een koe zeggen dat ie moet stoppen met loeien.
Of zo iets.
Hoe dan ook,
ik zei: 'Hup, twee drie vier!'
Het bleek een toverformule.
Het kind in een mum boven
en in opperbeste stemming poetsten we tanden.

Dus nu ik tussen tien volle wasmanden schone was
drie half ingepakte kindertasjes met bananen, knuffels, speentjes en melk
een volgeslibd bureau met rekeningen, formulieren en andere belangrijk spul
en alle rondslingerende vakantiespullen zit,
rest mij maar een ding:

HUP, TWEE, DRIE VIER!

(Je begrijpt, ik weet niet eens waar ik moet beginnen
en al helemaal niet als het om die duizenden vakantiefoto's op mijn computer gaat.
Die komen nog wel hier, als ik de tijd heb om ze door te spitten.
Dus vooralsnog moet je het doen met mijn twee mooie mannen in Engeland.
Denkt u zelf maar het Midsummer Murders deuntje eronder,
we zagen op deze plek zo de lijken door de rivier drijven.
Maar dat vertel ik de volgende keer.
Of niet.
Ik denk dat de tuinman het gedaan heeft...)